Sport

Afgunst naar het kleine broertje

En iedereen heeft wel een specifieke Belg om aan te moedigen. Mijn ruim 21 maanden jongere broertje kon eerder dan ik fietsen zonder zijwieltjes en was kort daarna een kop groter. Waar was die revolutie in 1830-31 ook alweer voor nodig? Jongetjes die bij Ajax, PSV, Twente, AZ, Utrecht, Willem II en AGOVV leerden voetballen en nu meneren zijn in megacompetities. Kleine broertjes worden groot. Het blijkt dat je voor de cruciale wedstrijd van een bescheiden buurland net zo zenuwachtig kan zijn als wanneer het Nederlands elftal de halve finale zou spelen. Wakker worden met de buikpijn van een jarig kind en de rest van de dag aftellen tot de aftrap. Jammer dat het verlies een wedstrijd te vroeg kwam. Dus ik kan op het vlak van ingehaald worden best wat hebben. De Belgen zijn misschien niet erg geraffineerd geweest dit toernooi, maar toonden wel de meeste durf, chaotische ambitie en spelplezier. Emilie van Outeren schrijft tijdens het WK voetbal een wisselcolumn met Arjen Fortuin. Plaatsvervangende spanning zoals je die ook hebt voor een sollicitatiegesprek van een broertje. Heel Holland juicht voor België. Kroegen en straten zijn uitgedost met zwart-geel-rode vlaggetjes, Rode Duivel-gadgets raken uitverkocht. Maar hoe graag we België ook van Frankrijk hadden zien winnen, het was nooit de bedoeling dat het kleine broertje ons op het voetbalveld zou overvleugelen door die ene prijs te winnen die ons altijd is ontglipt.